Verder naar inhoud
Terug naar overzicht

IMG grijpt in bij schadeafhandeling: keuze voor €5.000

214.jpg

Het IMG grijpt in bij de schadeafhandeling en komt met een vernieuwde aanpak. Voor circa 200.000 adressen komt er de keuze voor een vaste vergoeding van €5.000. Het is bedoeld voor eenvoudige, relatief kleine schades. Zo kunnen deze schades veel sneller worden afgehandeld en ontstaat er meer capaciteit voor afhandeling van meer complexere dossiers.

Voor de huidige aanpak met schade-opname en een advies over de schade door een onafhankelijke deskundige wordt de beoordelingsmethodiek geactualiseerd en verfijnd. Het gaat daarbij om onderwerpen zoals omgaan met diepe bodemdaling, verergering van schade, mestkelders en zettingsschade.

Waarom deze aanpassingen?

Na drie jaar schadeafhandeling, circa 80.000 afgehandelde schademeldingen en bijna €600 miljoen aan vergoedingen voor fysieke schade (bijv. scheuren in muren), zijn er nieuwe technische en praktische inzichten ontstaan. Een van de praktische inzichten is dat er zeer veel capaciteit gaat zitten in de afhandeling van relatief kleine, eenvoudige schades. Terwijl de oplossing van complexe vraagstukken, zoals het bieden van ‘duurzaam herstel’, juist meer capaciteit gaat vragen.

In de schadeafhandeling ontstaan soms grote, moeilijk verklaarbare verschillen tussen vergoedingen, met daarbij soms zeer hoge vergoedingen in gebieden waar de bevingen het minste invloed hadden. Een actualisatie van het beoordelingskader voor mijnbouwschade gecombineerd met de uitbreiding met de keuze voor een vaste vergoeding van €5.000 moet een antwoord gaan bieden op deze vraagstukken.

Maatregel: vast bedrag voor eerste melding

Voor de schadeafhandeling met een vast bedrag komen de adressen in aanmerking waar niet eerder schade is gemeld of waarvan de eerst melding nu nog in behandeling is en dat voor het gehele effectgebied van bevingen door gaswinning in het Groningenveld. Op circa twee derde van alle adressen in het gebied is nog nooit schade afgehandeld. Bij een keuze voor de vaste vergoeding, vindt er op die adressen geen individuele, maatwerk beoordeling van de schade meer plaats.

Door een vaste vergoeding krijgt een potentieel grote groep woningeigenaren de kans het hoofdstuk rond fysieke schade snel te sluiten, zeker nu de gaskraan steeds verder dicht gaat en de kans op bevingen afneemt. Er gelden diverse voorwaarden. Er kan niet zomaar opnieuw schade worden gemeld. Schademelders kunnen vanaf vandaag hun interesse kenbaarmaken.

Maatregel: actualisatie beoordelingskader

Bij schademeldingen die wel met de huidige maatwerkaanpak en dus inzet van deskundigen worden beoordeeld, wordt de beoordelingsmethodiek geactualiseerd op basis van de nieuwste inzichten. Voor de helderheid: het wettelijk bewijsvermoeden blijft van kracht. Het gaat om een actualisatie van de bestaande, praktische handvatten voor de toepassing van het bewijsvermoeden in de praktijk.

Diepe bodemdaling kan bij uitzondering indirect voor schade zorgen. Het wettelijk bewijsvermoeden is alleen nog van toepassing in specifieke gebieden waar aannemelijk is dat er indirecte schade kan zijn opgetreden. Die deelgebieden moeten nog wel exact worden bepaald.
Bevingen kunnen schade veroorzaken, maar niet overal evenveel. Om dat verschil te verfijnen komen er meer concrete handvatten waarbij de kans op schade (uitgedrukt in trillingssterktes) nadrukkelijker een rol gaat spelen. Dit moet helpen om de deskundigen op een eenduidige manier te laten beoordelen of een schade toch door aardbevingen kan zijn veroorzaakt of verergerd.

‘Moeilijkste besluit sinds oprichting’

“Het was het moeilijkste besluit dat we sinds de start van het IMG moesten nemen. De vaste vergoeding biedt grote groepen schademelders direct soelaas en is zeer laagdrempelig. We hebben daarbij de grenzen opgezocht van onze bevoegdheid. Het helpt ons echt werk te gaan maken van de aanpak van duurzaam herstel, zo gauw de wet daarop is aangepast. Maar onze besluiten leiden voor een deel van de mensen nu ook tot teleurstelling, zoals bij schade buiten het effectgebied van bevingen maar binnen het gebied van diepe bodemdaling”, zegt bestuursvoorzitter Bas Kortmann.

Gevolgen van de maatregelen

  • In het gebied buiten de invloedssfeer van bevingen, maar binnen het gebied van diepe bodemdaling staan nog circa 1.400 schademeldingen open. Naar verwachting zal voor veel van die adressen het wettelijk bewijsvermoeden niet meer van toepassing zijn. Voor een deel van de adressen is dat al te bepalen, voor een deel nog niet en is er eerst meer onderzoek nodig. Het IMG informeert betrokkenen hier binnenkort individueel over.
  • Op adressen binnen het effectgebied van bevingen maar op grotere afstand van de epicentra, op circa 15-20 kilometer afstand van Huizinge waar de grootste beving plaatsvond tot nu toe, leiden de maatregelen tot een gemiddeld lagere vergoeding dan tot op heden werd uitgekeerd. Naar verwachting zal de vergoeding bij een reguliere woning doorgaans onder de gemiddelde uitvoeringskosten van circa €5.000 per dossier uitkomen.
  • Vanwege vragen over de eenduidigheid van adviesrapporten zijn er circa 2.000 schademeldingen stilgelegd. De adviesrapporten zullen worden beoordeeld aan de hand van het geactualiseerde beoordelingskader wanneer dat volledig is uitgewerkt en de expertisebureaus daar voldoende bekend mee zijn. Betrokkenen ontvangen hierover binnenkort nader bericht.
  • Bij wie in aanmerking komt voor een keuze voor de vaste vergoeding, wordt in de procedure verder uitgegaan van vertrouwen. Aanvragers moeten aangeven dat ze vermoeden dat er mijnbouwschade is. Er zal fotomateriaal over de schades worden verzameld of een nulmeting worden verricht. De foto’s worden gebruikt om te laten zien dat er schade is. Er wordt geen deskundige gevraagd te beoordelen of deze schade door gaswinning of gasopslag is veroorzaakt.

Vraagstukken en dilemma’s

Eenduidigheid

Een van de grootste problemen die afgelopen tijd zichtbaar werden, zijn de soms moeilijk verklaarbare verschillen in adviesrapporten. Het leidt tot soms zeer hoge vergoedingen, maar vaak ook tot geen enkele vergoeding in vergelijkbare schadesituaties. Daarnaast worden in gebieden met nauwelijks trillingen door bevingen schadevergoedingen van tienduizenden euro’s toegekend, terwijl in gebieden met zeer forse trillingen soms slechts enkele honderden euro’s worden vergoed. Na analyse en gesprekken met de expertisebureaus werd duidelijk dat het beoordelingskader dat het IMG hanteerde, soms veel ruimte voor interpretatie overliet.

Lees hier meer over een verkennende analyse van dit onderwerp

Technische ontwikkelingen

De afgelopen drie jaar zijn er naast deze praktische inzichten, ook nieuwe inzichten ontstaan op het gebied van techniek. Het IMG liet TNO en TU Delft onderzoek doen naar de directe invloed van diepe bodemdaling op het ontstaan van schade aan gebouwen. Onderzoekers van Deltares zijn gevraagd advies uit te brengen over de indirecte invloed van diepe bodemdaling. Het IMG heeft nu een besluit genomen over de toepassing van het onderzoek van TNO en TU Delft daarbij ook de eerste bevindingen van Deltares betrokken.

Lees hier meer over het onderzoek naar diepe bodemdaling en zettingsschade

Mestkelders

Voor de schade aan mestkelders was er nog geen aanpak beschikbaar. Er is een technisch en juridisch advies over uitgebracht, waarop de agrarische sector en maatschappelijke organisaties hebben gereageerd. Het opgeleverde advies wordt nu ingevoerd, met enkele aanpassingen op basis van de ingebrachte reacties. Het IMG sluit aan bij een pilot in het kader van het agrarisch programma.

Lees hier meer over de schadeafhandeling voor mestkelders

Berekening van schade

Voor het berekenen van schade heeft het IMG al in 2018 de onafhankelijke deskundigen gevraagd een model te ontwikkelen (calculatiemodel). Als een schade als mijnbouwschade wordt beoordeeld, biedt het model een rekenmethodiek om in vergelijkbare omstandigheden ook vergelijkbare herstelmethoden en kosten te berekenen. Het model was gebaseerd op de aanname dat er slechts enkele schades per woning moesten worden gecalculeerd. Dat blijken er gemiddeld echter twintig te zijn doordat het Instituut ervoor kiest om bij alle woningen een gehele nulmeting uit te laten voeren, waarin ieder gebrek wordt vastgelegd. De toepassing van het model wordt daar nu op aangepast. Sommige kosten werden onnodig vaak meegerekend.

Lees hier meer over de geactualiseerde toepassing van het calculatiemodel

Basis voor de toekomst: duurzaam herstel

De maatregelen leggen een basis voor de toekomstige verdere ontwikkeling van de schadeafhandeling in Groningen. Door eenvoudig af te handelen wat eenvoudig is, ontstaat er meer tijd en ruimte voor het ontwikkelen van een aanpak in het kader van ‘duurzaam herstel’. Als het tweede deel van de Tijdelijke wet Groningen wordt aangenomen, kan het IMG op een nog nader te bepalen wijze een tegemoetkoming bieden bij verbetering van constructieve problemen die niet aan mijnbouwschade zijn toe te wijzen. Voorwaarde is dat er dan wel andere mijnbouwschade is vastgesteld.

Lees hier meer de aanpak van ‘duurzaam herstel’

  • Welke situaties kunnen zich nu voordoen?

    1. Aanvragen ingediend vóór 5 november waar vergoeding voor waardedaling werd toegekend, maar waar blijkt dat er sprake is van uitgevoerd of nog uit te voeren sloop en nieuwbouw. De vergoeding wordt bij deze groep niet teruggevorderd. Gelijke gevallen moeten immers gelijk worden behandeld. Dit vloeit voort uit het feit dat de minister verzocht geen vergoeding terug te vorderen en de kosten daarvan voor zijn rekening te nemen.
    2. Aanvragen ingediend ná 5 november. Er is dan expliciet in de procedure ‘nee’ geantwoord op de vraag of de aanvrager bekend is met sloop en nieuwbouw op zijn adres. Als het adres ook niet voorkomt op de dan aanwezige NCG-lijst, keert het IMG vergoeding uit. Als later het adres alsnog op de NCG-lijst komt, zal het IMG onderzoeken of de aanvrager had kunnen weten dat er sprake is van sloop en nieuwbouw. In die gevallen vordert het IMG de vergoeding terug, waarbij waar nodig maatwerk zal worden toegepast in de wijze waarop.
    3. Aanvragen voor vergoeding van waardedaling ingediend én besloten door het IMG vóórdat de NCG een toezegging doet over sloop en nieuwbouw worden door het IMG vergoed. Als voorafgaand aan besluitvorming door het IMG wel al wordt doorgegeven door de NCG dat sloop en nieuwbouw zijn toegezegd, dan wijst het IMG de aanvraag af.
  • Hoe wordt het gemiddelde berekend?

    Het gemiddelde voor het IMG wordt gebaseerd op het gemiddelde cijfer dat voor de afhandeling van fysieke schade wordt gegeven en op het gemiddelde cijfer dat voor waardedaling wordt gegeven. Daarbij wordt meegewogen hoeveel besluiten het IMG nam voor die specifieke regeling. Hiermee zegt het gemiddelde zo veel mogelijk over de beleving van alle aanvragers over alle besluiten.

    Na het besluit over een aanvraag tot vergoeding van fysieke schade is daarbij de vraag: “Welk rapportcijfer geeft u het besluit dat u ontvangen heeft?” Sinds de start van de meting (juni 2019) gaven 8.000 respondenten een 7,7.
    Na een besluit over een aanvraag voor Waardedaling is daarbij de vraag: “Hoe tevreden bent u over het indienen en afhandelen van uw aanvraag?” Sinds de start van deze meting (november 2020) gaven 6.752 respondenten een 8,1.

    Aangezien de respons op het verzoek om een reactie op de enquête voor beide regelingen hoog is (meer dan 25 procent voor de enquête over het besluit), worden beide cijfers als representatief beschouwd voor de beoordeling van een van beide regelingen. Maar de aantallen besluiten over de regelingen kennen getalsmatig geen gelijke omvang.

    Het totaalaantal besluiten van het IMG voor beide regelingen is momenteel 107.606. Er zijn 58.141 besluiten (54 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van fysieke schade. Er zijn 49.465 besluiten (46 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van waardedaling.

    Bij het bepalen van het gemiddelde weegt het cijfer voor fysieke schade daarom voor 54 procent mee en voor waardedaling 46 procent. Het doorlopende (over de hele periode), gewogen (afgezet tegen het aantal besluiten) gemiddelde voor de besluiten van het IMG komt daarmee op: 7,9, gebaseerd op in totaal ruim 14.500 respondenten.

  • Wie wordt wanneer om een mening gevraagd?

    Als het IMG een e-mailadres heeft van een aanvrager wordt altijd ergens in de procedure een enquête gestuurd. Uitzondering vormen de adressen waar woningcorporaties en vastgoedbeheerders als eigenaar staan geregistreerd.

    Bij de regeling voor fysieke schade kan er op verschillende momenten in de procedure een enquête volgen: na de schade-opname, na het adviesrapport en na het besluit. Al binnen enkele dagen na het besluit wordt het verzoek gestuurd.

    Wie gebruikmaakt van meerdere regelingen, krijgt ook meerdere enquêteverzoeken. Zowel na een besluit voor de regeling fysieke schade wordt om een mening gevraagd als ook na een besluit over een aanvraag over waardedaling. Het zijn immers verschillende regelingen met verschillende procedures.

  • Waarom heb ik geen enquête gekregen en kan het alsnog?

    Als het goed is, krijgt ieder adres een enquêteverzoek, mits er een e-mailadres bekend is. Nu kan het wel zijn dat er op een adres meerdere aanvragen worden gedaan. Om overlast te beperken, sturen we eenzelfde soort enquête nooit twee keer binnen drie maanden naar dezelfde persoon. Zo kan het dus voorkomen dat iemand niet gevraagd is om te reageren voor een bepaald besluit. Daarnaast kan er altijd iets misgaan zijn met de mail, waarbij een enquête bijvoorbeeld in de map ‘ongewenste mail/reclame’ belandde of geheel weg gefilterd werd door mailsystemen.

    Momenteel is niet voorzien dat een enquête alsnog verstuurd en ingevuld kan worden. We willen de meting liefst in zo vergelijkbaar mogelijk situaties laten plaatsvinden (bijvoorbeeld kort na een besluit). Als er alsnog veel andere mensen aangeven een enquête te willen invullen waar dat niet gelukt is, gaan we wel bekijken wat er mogelijk is.

  • Wat hebben aanvragers precies gezien?

    Maximaal 60 aanvragers hebben een overzicht gezien van schadedossiers. Schadezaken worden per 10 tegelijk getoond met het schadenummer, schadeadres, indieningsdatum van de schade, de schadezaak en de status van de schadezaak.

  • Konden de aanvragers de informatie van andere dossiers wijzigen?

    Nee, de informatie kon niet gewijzigd worden.

  • Konden de aanvragers door het dossier van een ander bladeren?

    Nee, er was een overzicht zichtbaar, geen inhoud van dossiers. Dossiers van anderen konden niet worden ingezien.

  • Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

    Op dit moment is het nog niet duidelijk wat de oorzaak van de storing is, dat zijn we aan het onderzoeken. Het belangrijkste is dat de storing is verholpen en dat dossiers van andere aanvragers niet meer zichtbaar zijn.

  • Wat betekent dit voor mijn dossier?

    Alle dossiers zijn beveiligd en alleen toegankelijk met de juiste inloggegevens. Hierdoor is het niet mogelijk om dossiers van andere aanvragers in te zien. Uw dossier is dus alleen toegankelijk met uw eigen inloggegevens.