Verder naar inhoud
Terug naar overzicht

Schadecalculatie voortaan gebaseerd op veel meer schades

137.jpg

Het IMG gaat de berekening van schadevergoeding aanpassen. Naar nu blijkt werden de kosten voor de voorbereidende werkzaamheden te vaak gecalculeerd per schade. Het calculatiemodel waarin honderden herstelmethodes met bijbehorende kosten staan, blijft gehanteerd, maar de toepassing ervan wordt daarom verbeterd.

Waarom moet het anders?

Het calculatiemodel is tot stand gekomen op basis van advies van schade-expertisebureaus. Alle bedragen en de rekenmethode zelf zijn vervolgens gevalideerd (ze zijn marktconform) via een extern bouwkostenadviesbureau. De prijzen worden daarnaast bij mogelijke kostenontwikkelingen geindexeerd. Zo sluit het qua prijsniveau aan bij een eventuele sterke prijswijziging. Het calculatiemodel wordt als geheel per drie jaar herijkt.
*Vanwege de stijgende loon- en materiaalkosten is het calculatiemodel in 2022 geïndexeerd. Bekijk de meest recente versies.

Bij de ontwikkeling van het calculatiemodel medio 2018 werd nog uitgegaan van gemiddeld enkele schades per gebouw. Voor elke schade die werd gecalculeerd werd daarom verondersteld dat ook alle opstartkosten voor herstelwerkzaamheden moesten worden meegenomen voor elke schade apart.

Inmiddels blijkt dat er gemiddeld twintig tot uitschieters van enkele honderden schades per gebouw worden vastgesteld. Dit is een gevolg van het feit dat het IMG bij een woning steeds een hele nulmeting laat uitvoeren, waardoor alle schades en (ook kleine) gebreken aan de woningen worden opgenomen. Schades die dan veelal ook nog in dezelfde ruimte aanwezig zijn. De opstartkosten hoeven dan niet telkens opnieuw te worden meegerekend. Aangezien dat wel gebeurde, is het mogelijk dat de afgelopen jaren, vooral bij woningen met veel dezelfde schades, de kosten ruimer zijn vergoed dan daadwerkelijk noodzakelijk was voor het herstel.

Aangepaste methode: herstel per ruimte

In de aangepaste methode wordt er rekening mee gehouden dat meerdere schades in een ruimte, bijvoorbeeld scheuren in muren, in de praktijk in één keer hersteld worden. De voorbereidende kosten, noodzakelijk om het herstelwerk te kunnen uitvoeren, worden daarom per ruimte voortaan één keer vergoed.

Bij meerdere ruimtes

Indien binnenin een woning schades in meerdere ruimtes hersteld moeten worden, zullen wel alsnog per ruimte de voorbereidende kosten vergoed worden. Het is immers goed voorstelbaar dat de schades in de ene ruimte op een ander moment worden hersteld dan in een andere ruimte. Het herstel aan de buitengevel wordt in het algemeen in één keer uitgevoerd. Daarom zullen de voorbereidende kosten bij herstel van meerdere dezelfde schades aan de buitengevel voortaan een keer vergoed worden per schadedossier waarover een besluit wordt genomen.

Tweede helft 2021

De verwachting is dat de geactualiseerde toepassing vanaf de tweede helft van 2021 ingaat. Het is niet met zekerheid te zeggen wat de nieuwe methode betekent voor de toe te kennen schadebedragen. Dit is sterk afhankelijk van de individuele situatie. In het algemeen zal gelden dat voor woningen met veel dezelfde type schades in dezelfde ruimtes de schadevergoeding gemiddeld lager zal zijn dan voorheen. De vergoeding staat dan echter meer in verhouding tot de daadwerkelijke kosten.

  • Welke situaties kunnen zich nu voordoen?

    1. Aanvragen ingediend vóór 5 november waar vergoeding voor waardedaling werd toegekend, maar waar blijkt dat er sprake is van uitgevoerd of nog uit te voeren sloop en nieuwbouw. De vergoeding wordt bij deze groep niet teruggevorderd. Gelijke gevallen moeten immers gelijk worden behandeld. Dit vloeit voort uit het feit dat de minister verzocht geen vergoeding terug te vorderen en de kosten daarvan voor zijn rekening te nemen.
    2. Aanvragen ingediend ná 5 november. Er is dan expliciet in de procedure ‘nee’ geantwoord op de vraag of de aanvrager bekend is met sloop en nieuwbouw op zijn adres. Als het adres ook niet voorkomt op de dan aanwezige NCG-lijst, keert het IMG vergoeding uit. Als later het adres alsnog op de NCG-lijst komt, zal het IMG onderzoeken of de aanvrager had kunnen weten dat er sprake is van sloop en nieuwbouw. In die gevallen vordert het IMG de vergoeding terug, waarbij waar nodig maatwerk zal worden toegepast in de wijze waarop.
    3. Aanvragen voor vergoeding van waardedaling ingediend én besloten door het IMG vóórdat de NCG een toezegging doet over sloop en nieuwbouw worden door het IMG vergoed. Als voorafgaand aan besluitvorming door het IMG wel al wordt doorgegeven door de NCG dat sloop en nieuwbouw zijn toegezegd, dan wijst het IMG de aanvraag af.
  • Hoe wordt het gemiddelde berekend?

    Het gemiddelde voor het IMG wordt gebaseerd op het gemiddelde cijfer dat voor de afhandeling van fysieke schade wordt gegeven en op het gemiddelde cijfer dat voor waardedaling wordt gegeven. Daarbij wordt meegewogen hoeveel besluiten het IMG nam voor die specifieke regeling. Hiermee zegt het gemiddelde zo veel mogelijk over de beleving van alle aanvragers over alle besluiten.

    Na het besluit over een aanvraag tot vergoeding van fysieke schade is daarbij de vraag: “Welk rapportcijfer geeft u het besluit dat u ontvangen heeft?” Sinds de start van de meting (juni 2019) gaven 8.000 respondenten een 7,7.
    Na een besluit over een aanvraag voor Waardedaling is daarbij de vraag: “Hoe tevreden bent u over het indienen en afhandelen van uw aanvraag?” Sinds de start van deze meting (november 2020) gaven 6.752 respondenten een 8,1.

    Aangezien de respons op het verzoek om een reactie op de enquête voor beide regelingen hoog is (meer dan 25 procent voor de enquête over het besluit), worden beide cijfers als representatief beschouwd voor de beoordeling van een van beide regelingen. Maar de aantallen besluiten over de regelingen kennen getalsmatig geen gelijke omvang.

    Het totaalaantal besluiten van het IMG voor beide regelingen is momenteel 107.606. Er zijn 58.141 besluiten (54 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van fysieke schade. Er zijn 49.465 besluiten (46 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van waardedaling.

    Bij het bepalen van het gemiddelde weegt het cijfer voor fysieke schade daarom voor 54 procent mee en voor waardedaling 46 procent. Het doorlopende (over de hele periode), gewogen (afgezet tegen het aantal besluiten) gemiddelde voor de besluiten van het IMG komt daarmee op: 7,9, gebaseerd op in totaal ruim 14.500 respondenten.

  • Wie wordt wanneer om een mening gevraagd?

    Als het IMG een e-mailadres heeft van een aanvrager wordt altijd ergens in de procedure een enquête gestuurd. Uitzondering vormen de adressen waar woningcorporaties en vastgoedbeheerders als eigenaar staan geregistreerd.

    Bij de regeling voor fysieke schade kan er op verschillende momenten in de procedure een enquête volgen: na de schade-opname, na het adviesrapport en na het besluit. Al binnen enkele dagen na het besluit wordt het verzoek gestuurd.

    Wie gebruikmaakt van meerdere regelingen, krijgt ook meerdere enquêteverzoeken. Zowel na een besluit voor de regeling fysieke schade wordt om een mening gevraagd als ook na een besluit over een aanvraag over waardedaling. Het zijn immers verschillende regelingen met verschillende procedures.

  • Waarom heb ik geen enquête gekregen en kan het alsnog?

    Als het goed is, krijgt ieder adres een enquêteverzoek, mits er een e-mailadres bekend is. Nu kan het wel zijn dat er op een adres meerdere aanvragen worden gedaan. Om overlast te beperken, sturen we eenzelfde soort enquête nooit twee keer binnen drie maanden naar dezelfde persoon. Zo kan het dus voorkomen dat iemand niet gevraagd is om te reageren voor een bepaald besluit. Daarnaast kan er altijd iets misgaan zijn met de mail, waarbij een enquête bijvoorbeeld in de map ‘ongewenste mail/reclame’ belandde of geheel weg gefilterd werd door mailsystemen.

    Momenteel is niet voorzien dat een enquête alsnog verstuurd en ingevuld kan worden. We willen de meting liefst in zo vergelijkbaar mogelijk situaties laten plaatsvinden (bijvoorbeeld kort na een besluit). Als er alsnog veel andere mensen aangeven een enquête te willen invullen waar dat niet gelukt is, gaan we wel bekijken wat er mogelijk is.

  • Wat hebben aanvragers precies gezien?

    Maximaal 60 aanvragers hebben een overzicht gezien van schadedossiers. Schadezaken worden per 10 tegelijk getoond met het schadenummer, schadeadres, indieningsdatum van de schade, de schadezaak en de status van de schadezaak.

  • Konden de aanvragers de informatie van andere dossiers wijzigen?

    Nee, de informatie kon niet gewijzigd worden.

  • Konden de aanvragers door het dossier van een ander bladeren?

    Nee, er was een overzicht zichtbaar, geen inhoud van dossiers. Dossiers van anderen konden niet worden ingezien.

  • Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

    Op dit moment is het nog niet duidelijk wat de oorzaak van de storing is, dat zijn we aan het onderzoeken. Het belangrijkste is dat de storing is verholpen en dat dossiers van andere aanvragers niet meer zichtbaar zijn.

  • Wat betekent dit voor mijn dossier?

    Alle dossiers zijn beveiligd en alleen toegankelijk met de juiste inloggegevens. Hierdoor is het niet mogelijk om dossiers van andere aanvragers in te zien. Uw dossier is dus alleen toegankelijk met uw eigen inloggegevens.