Schade aan gebouwen en objecten
Hoeveel uur advies heeft u nodig?
Schakelt u een adviseur in? Dan kunt u zich afvragen hoeveel uren u deze nodig heeft.
Wij hebben enkele handvatten opgesteld. Zo ziet u snel of u voldoende heeft aan 20 uur advies. Wij gebruiken deze handvatten ook om dossiers te beoordelen waarbij meer dan 20 uur advies wordt gevraagd.
|
Opdracht |
Tijd |
|---|---|
|
Beoordelen adviesrapport en opstellen van een reactie op het adviesrapport. |
5 minuten per schade |
|
Opdracht |
Tijd |
|
Bespreken adviesrapport |
Maximaal 1 uur |
|
Opdracht |
Tijd |
|
Schade-opname |
Maximaal 25% van de schade-opname door deskundige |
|
Opdracht |
Tijd |
|
Opnemen en beschrijven ontbrekende schades in het adviesrapport van IMG |
5 minuten per schade |
|
Opdracht |
Tijd |
|
Reistijd |
Volgens factuur |
Deze tabel geeft een richting, er kan van worden afgeweken (bijvoorbeeld bij agrarische bedrijven of monumenten).
Meer dan 20 uur nodig?
Wij vergoeden maximaal 20 arbeidsuren. Maar soms is 20 uur niet genoeg. Bijvoorbeeld wanneer het adviesrapport heel uitgebreid is. In zulke gevallen kunnen we meer vergoeden. U moet daarvoor een verhoging aanvragen via Mijn dossier. Door op tijd een verhoging aan te vragen, voorkomt u dat een deel van de kosten niet worden vergoed.
U bespreekt met de adviseur hoeveel uren er nodig zijn. De adviseur maakt een inschatting van het aantal uren. En een onderbouwing waaruit blijkt waarom er meer dan 20 uur advies nodig is. Hier moet uit blijken waarover nog geadviseerd moet worden en/of door welke omstandigheden er meer uren nodig zijn.
Uren toetsen
Wij toetsen altijd of het aantal uren en de onderbouwing terecht zijn. Dit doen we door te kijken of de situatie bovengemiddeld ingewikkeld is vanwege de aard en de grootte van de schade.
-
Welke gebouwen worden uitgezonderd van de € 10.000?
Voor kleine gebouwen en objecten, zoals garageboxen en schuren, is de aanvullende vaste vergoeding € 5.000. Dit soort gebouwen hebben een lagere waarde en vaak een kleiner oppervlak. De vergoeding staat zo meer in verhouding met de waarde en grootte van het gebouw.
Specifiek gaat het om gebouwen en objecten die in de Basisregistratie Adressen en Gebouwen staan ingeschreven met een oppervlakte van minder dan 30 m² of waarbij er sprake is van een WOZ-waarde per object van minder dan € 50.000.
-
Komt de taxateur ook persoonlijk langs om te inspecteren?
Nee, we verwachten niet dat het nodig is. Mogelijke uitzonderingen zijn daargelaten.
-
Wanneer is er sprake van versterking of sloop/nieuwbouw?
Er is sprake van versterking als uw woning door de NCG (of een andere daarvoor bevoegde instantie) als onveilig is beoordeeld en in opdracht van de NCG (of een andere bevoegde instantie) versterkt moet worden. U hoeft hiervoor zelf in eerste instantie geen gegevens aan te leveren. Houd er wel rekening mee dat onderdeel zijn van het versterkingsprogramma van de NCG niet hetzelfde is als versterking. Er wordt eerst door de NCG gekeken in hoeverre de woning veilig is en daarna wordt beoordeeld of er versterking nodig is. Om te beoordelen of er sprake is van versterken of sloop/nieuwbouw gebruiken wij de gegevens die wij van de NCG ontvangen.
-
Hoe kom ik aan een WOZ-taxatierapport? En kost dit geld?
Alleen inwoners van de gemeente Midden-Groningen moeten een WOZ-taxatierapport opvragen via hun gemeente. Dit is gratis.
Inwoners van andere gemeenten hoeven dat niet te doen. Wij ontvangen het WOZ-taxatierapport rechtstreeks van de gemeente.
-
Wat als ik vind dat mijn WOZ te laag is?
Als een eigenaar van mening is dat zijn WOZ-waarde te laag is vastgesteld, maar hij heeft daartegen geen bezwaar gemaakt, dan kan hij ook nog bij de gemeente om herziening van de WOZ-waarde vragen. Uw gemeente kan u nader over informeren over deze mogelijkheid.
-
Is de regeling eindig?
De regeling blijft bestaan zolang er sprake is van schade door waardedaling of verminderde waardeontwikkeling als gevolg van bevingen door gaswinning in het Groningenveld. Er vinden nog steeds bevingen plaats. Het is daarmee niet ondenkbaar dat er ook nog steeds in delen van Groningen sprake is van waardedaling of verminderde waardeontwikkeling. Gezien de huidige omstandigheden ligt het in de lijn der verwachting dat de waardedaling of verminderde waardeontwikkeling eerder afneemt dan verergert.
-
De bestemming van een pand is gewijzigd (van niet wonen naar wonen of andersom). Wat betekent dat voor mijn aanvraag?
We kijken naar de bestemming van het pand op het moment van verkoop. Als het pand niet verkocht is of als er een bestemmingswijziging is geweest, kijken we naar de peildatum 1 januari 2022. Wij controleren dan of er niet twee keer (dus onder beide regelingen voor waardedaling) een vergoeding wordt betaald voor hetzelfde pand.
-
Ik heb een brief van de NCG ontvangen, dat mijn huis mogelijk versterkt gaat worden. Kan ik al wel een aanvraag immateriële schade doen?
Om versterking of sloop/nieuwbouw te laten meetellen bij uw aanvraag voor immateriële schade moet u een besluit hebben ontvangen van de NCG waarin staat dat uw woning wordt versterkt of gesloopt. Ook zonder dit besluit kunt u een aanvraag doen, maar dan wordt de (mogelijke) versterking of sloop/nieuwbouw niet meegenomen in de beoordeling van uw aanvraag. Als later blijkt dat er een definitief besluit tot versterking of sloop/nieuwbouw is, dan krijgen we deze gegevens door van de NCG. Op basis van de nieuwe gegevens nemen we een opnieuw een beslissing.
-
Wat als er zware bevingen komen?
Gezien het besluit om de gaswinning in het Groningenveld versneld naar nul terug te brengen en de onderzoeken die worden gedaan naar de effecten daarvan, is de kans steeds kleiner dat er zwaardere bevingen ontstaan dan de beving van Huizinge van 16 augustus 2012. Mocht dat om wat voor reden dan ook toch gebeuren, dan zal het IMG er op dat moment naar handelen. Zo is het mogelijk om een actualisatie te doen op basis van de huidige methode en zo eventuele verergering te verwerken in de regeling. Het omgekeerde is overigens ook het geval. Als meer zware bevingen uitblijven, zou de waardeontwikkeling steeds positiever kunnen worden en gelijke tred gaan vertonen met vergelijkbare woningen in vergelijkbare andere delen van Nederland. Vanzelfsprekend kan dit dan alleen op basis van wetenschappelijk onderzoek werkelijk worden vastgesteld.