Verder naar inhoud
Terug naar overzicht

IMG toetst kabinetsmaatregelen op uitvoerbaarheid

517.jpg

Het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) heeft een uitvoeringstoets gedaan op de voorgestelde kabinetsmaatregelen voor de verbetering van de schadeafhandeling. Opgemerkt wordt dat de maatregelen concreet en vergaand zijn om de schadeafhandeling milder, makkelijker en menselijker te maken. Tegelijkertijd zijn er zorgen over de uitvoerbaarheid van enkele maatregelen.

Volgens het IMG is er nog nadere uitwerking nodig om ze doelmatig en uitvoerbaar te maken. Hiervoor zijn ook belangrijke politieke keuzes nodig. Daarnaast adviseert het IMG om na de besluitvorming de definitieve maatregelen stapsgewijs te toetsen op uitvoerbaarheid om zo te voorkomen dat maatregelen achteraf onbedoeld een ongewenste uitwerking blijken te hebben op de schadeafhandeling.

In samenspraak werken aan mildere, makkelijkere en menselijkere schadeafhandeling

Het kabinet toont met de voorgestelde maatregelen aan dat het al het nodige wil doen om de schadeafhandeling te verbeteren en zet daarbij in op het duurzaam herstellen en versterken van Groningen en Noord-Drenthe. “Gezien de intenties van het kabinet, ben ik ervan overtuigd dat het mogelijk is om in samenspraak met het ministerie van EZK, de maatschappelijke organisaties en de regio’s te komen tot een uitvoerbare, mildere, makkelijkere en bovenal menselijkere schadeafhandeling”, zegt bestuursvoorzitter Henk Korvinus van het IMG.

Voorzichtig positief over voorgenomen kabinetsmaatregelen, maar ook zorgen

De maatregelen bieden volgens het IMG voldoende ruimte om te komen tot een schadeafhandeling die uitgaat van de problemen van de Groningers en Drenten en die niet beperkt blijft tot de afwikkeling van de aansprakelijkheid van de NAM. “Daarover zijn wij dan ook zeer positief. Maar de realiteit is ook dat sommige maatregelen in de huidige vorm leiden tot nieuwe ongewenste verschillen, hogere uitvoeringskosten en in sommige gevallen niet het beoogde doel bereiken”, zegt Korvinus.

Positief over meer ruimte om problemen breder op te lossen

Een van de meest ingrijpende maatregelen voor de schadeafhandeling is het schrappen van het causaal verband bij schadesituaties tot 40.000 euro. Door de schadeoorzaak niet meer te beoordelen en deze wel te vergoeden, wordt voor deze schadesituaties de aansprakelijkheid van de NAM niet meer leidend in de schadeafhandeling. Hiermee beoogt het kabinet discussies over de oorzaak van schade te vermijden en wil het onzekerheid over de vergoeding van schade wegnemen. Hierover is het IMG dan ook positief, omdat dit ruimte biedt om de problemen van Groningers en Drenten breder op te lossen.

Gedupeerden met ernstige en complexe schades niet tot zeer beperkt geholpen

Waar deze maatregel een oplossing is voor gedupeerden met schades tot 40.000 euro, worden degenen met de grootste en complexe schades zeer beperkt tot niet geholpen. Zij blijven geconfronteerd worden met onderzoeken naar de schadeoorzaak. Iets dat veel impact heeft op mensen en tot de nodige discussies leidt, met alle gevolgen van dien.

“Deze maatregel zal voor veel aanvragers leiden tot hogere vergoedingen, minder afwijzingen en minder gedoe. Maar, de zwaarst getroffen groep gedupeerden, die veelal in de kern van het gebied woont, wordt met deze maatregel niet geholpen”, zegt Korvinus.

Vergaande maatregel leidt ook tot nieuwe en onwenselijke verschillen

Daarnaast leidt deze maatregel in de huidige vorm tot nieuwe verschillen tussen gedupeerden van wie de schade al is afgehandeld en nieuwe schademelders. Dit is naar de inschatting van het IMG voor burgers een onwenselijke uitkomst en leidt tot onvrede, tenzij wordt gekozen voor een aanvaardbare en goed uitvoerbare oplossing voor ongeveer 200.000 schademeldingen die door ons al zijn afgehandeld.

Stijgende uitvoeringskosten

Verder verwacht het IMG dat er minder gebruik wordt gemaakt van de vaste vergoeding als het kabinet besluit om vast te houden aan de huidige opzet van de 40.000-regeling. Daardoor zullen de uitvoeringskosten blijven stijgen.

IMG adviseert om in te zetten op daadwerkelijk herstel

Het IMG stelt daarom voor om in te zetten op het daadwerkelijk herstellen van schade met behulp van een eigen aannemer of een aannemer van het IMG. Daardoor kan het doel van het kabinet met minder nadelen en doelmatiger worden bereikt. Het voordeel hiervan is dat de ongelijkheid kleiner wordt, schade daadwerkelijk wordt hersteld en de uitvoeringskosten lager zullen zijn. Het IMG is zich ervan bewust dat ook deze oplossing nadere uitwerking nodig heeft.

Maatregelen die nu al ingevoerd (kunnen) worden

Tegelijkertijd probeert het IMG binnen zijn huidige mandaat en bevoegdheden op korte termijn in te voeren wat mogelijk is, in lijn met en gesteund door de inhoud van de voorgenomen kabinetsmaatregelen. Voor het complete overzicht verwijzen wij naar de uitvoeringstoets. Hieronder lichten we enkele voorbeelden uit.

Aanpassing beoordeling maatwerkprocedure

Zo hebben wij de beoordeling bij de maatwerkprocedure aangepast. De belangrijkste wijziging is dat bij woningen die zijn blootgesteld aan een hoger niveau van trillingen, waar in de kern van het bevingsgebied sprake van is, altijd causaliteit aanneemt tussen bepaalde schades en bodembeweging. In de praktijk wordt in dit gebied als gevolg daarvan vrijwel alle schade vergoed.

Uitbreiding vaste vergoeding

Verder werken we aan de uitbreiding van de vaste vergoeding. Het gaat dan om het bieden van een hogere vergoeding in de kern van het bevingsgebied. Daarnaast werkt het IMG de mogelijkheid uit voor een vaste vergoeding voor toekomstige bevingen.

Uitvoering kost tijd, maar haast is geboden

Het IMG is zich ervan bewust dat het uitvoeren van alle voorgenomen maatregelen niet van de een op de andere dag mogelijk is. Bovendien moet het debat hierover met de Tweede Kamer begin juni nog plaatsvinden en zullen ook de definitieve plannen getoetst moeten worden op onder meer uitvoerbaarheid en doelmatigheid. Het IMG benadrukt daarbij dat het belangrijk is om haast te maken met de verdere uitwerking van de maatregelen, aangezien de huidige situatie tot onzekerheid bij aanvragers leidt en negatieve gevolgen kan hebben voor de schadeafhandeling. Om hieraan tegemoet te komen, heeft het IMG onlangs al tussentijdse maatregelen genomen.

Maak gebruik van bestaande kennis en ervaring

Het IMG biedt nadrukkelijk aan om te helpen bij de verdere uitwerking van de maatregelen. In de afgelopen vijf jaar hebben wij de nodige ervaring en expertise opgedaan die gebruikt kan worden bij het verbeteren van de schadeafhandeling en het uitvoerbaar maken van de vergaande voorgestelde kabinetsmaatregelen.

Reageren op dit bericht?

U kunt reageren op dit bericht in ons forum. Klik op het tekstwolkje boven de foto van dit artikel om naar het forum te gaan. 

  • Welke situaties kunnen zich nu voordoen?

    1. Aanvragen ingediend vóór 5 november waar vergoeding voor waardedaling werd toegekend, maar waar blijkt dat er sprake is van uitgevoerd of nog uit te voeren sloop en nieuwbouw. De vergoeding wordt bij deze groep niet teruggevorderd. Gelijke gevallen moeten immers gelijk worden behandeld. Dit vloeit voort uit het feit dat de minister verzocht geen vergoeding terug te vorderen en de kosten daarvan voor zijn rekening te nemen.
    2. Aanvragen ingediend ná 5 november. Er is dan expliciet in de procedure ‘nee’ geantwoord op de vraag of de aanvrager bekend is met sloop en nieuwbouw op zijn adres. Als het adres ook niet voorkomt op de dan aanwezige NCG-lijst, keert het IMG vergoeding uit. Als later het adres alsnog op de NCG-lijst komt, zal het IMG onderzoeken of de aanvrager had kunnen weten dat er sprake is van sloop en nieuwbouw. In die gevallen vordert het IMG de vergoeding terug, waarbij waar nodig maatwerk zal worden toegepast in de wijze waarop.
    3. Aanvragen voor vergoeding van waardedaling ingediend én besloten door het IMG vóórdat de NCG een toezegging doet over sloop en nieuwbouw worden door het IMG vergoed. Als voorafgaand aan besluitvorming door het IMG wel al wordt doorgegeven door de NCG dat sloop en nieuwbouw zijn toegezegd, dan wijst het IMG de aanvraag af.
  • Hoe wordt het gemiddelde berekend?

    Het gemiddelde voor het IMG wordt gebaseerd op het gemiddelde cijfer dat voor de afhandeling van fysieke schade wordt gegeven en op het gemiddelde cijfer dat voor waardedaling wordt gegeven. Daarbij wordt meegewogen hoeveel besluiten het IMG nam voor die specifieke regeling. Hiermee zegt het gemiddelde zo veel mogelijk over de beleving van alle aanvragers over alle besluiten.

    Na het besluit over een aanvraag tot vergoeding van fysieke schade is daarbij de vraag: “Welk rapportcijfer geeft u het besluit dat u ontvangen heeft?” Sinds de start van de meting (juni 2019) gaven 8.000 respondenten een 7,7.
    Na een besluit over een aanvraag voor Waardedaling is daarbij de vraag: “Hoe tevreden bent u over het indienen en afhandelen van uw aanvraag?” Sinds de start van deze meting (november 2020) gaven 6.752 respondenten een 8,1.

    Aangezien de respons op het verzoek om een reactie op de enquête voor beide regelingen hoog is (meer dan 25 procent voor de enquête over het besluit), worden beide cijfers als representatief beschouwd voor de beoordeling van een van beide regelingen. Maar de aantallen besluiten over de regelingen kennen getalsmatig geen gelijke omvang.

    Het totaalaantal besluiten van het IMG voor beide regelingen is momenteel 107.606. Er zijn 58.141 besluiten (54 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van fysieke schade. Er zijn 49.465 besluiten (46 procent van alle besluiten) genomen over aanvragen tot vergoeding van waardedaling.

    Bij het bepalen van het gemiddelde weegt het cijfer voor fysieke schade daarom voor 54 procent mee en voor waardedaling 46 procent. Het doorlopende (over de hele periode), gewogen (afgezet tegen het aantal besluiten) gemiddelde voor de besluiten van het IMG komt daarmee op: 7,9, gebaseerd op in totaal ruim 14.500 respondenten.

  • Wie wordt wanneer om een mening gevraagd?

    Als het IMG een e-mailadres heeft van een aanvrager wordt altijd ergens in de procedure een enquête gestuurd. Uitzondering vormen de adressen waar woningcorporaties en vastgoedbeheerders als eigenaar staan geregistreerd.

    Bij de regeling voor fysieke schade kan er op verschillende momenten in de procedure een enquête volgen: na de schade-opname, na het adviesrapport en na het besluit. Al binnen enkele dagen na het besluit wordt het verzoek gestuurd.

    Wie gebruikmaakt van meerdere regelingen, krijgt ook meerdere enquêteverzoeken. Zowel na een besluit voor de regeling fysieke schade wordt om een mening gevraagd als ook na een besluit over een aanvraag over waardedaling. Het zijn immers verschillende regelingen met verschillende procedures.

  • Waarom heb ik geen enquête gekregen en kan het alsnog?

    Als het goed is, krijgt ieder adres een enquêteverzoek, mits er een e-mailadres bekend is. Nu kan het wel zijn dat er op een adres meerdere aanvragen worden gedaan. Om overlast te beperken, sturen we eenzelfde soort enquête nooit twee keer binnen drie maanden naar dezelfde persoon. Zo kan het dus voorkomen dat iemand niet gevraagd is om te reageren voor een bepaald besluit. Daarnaast kan er altijd iets misgaan zijn met de mail, waarbij een enquête bijvoorbeeld in de map ‘ongewenste mail/reclame’ belandde of geheel weg gefilterd werd door mailsystemen.

    Momenteel is niet voorzien dat een enquête alsnog verstuurd en ingevuld kan worden. We willen de meting liefst in zo vergelijkbaar mogelijk situaties laten plaatsvinden (bijvoorbeeld kort na een besluit). Als er alsnog veel andere mensen aangeven een enquête te willen invullen waar dat niet gelukt is, gaan we wel bekijken wat er mogelijk is.

  • Wat hebben aanvragers precies gezien?

    Maximaal 60 aanvragers hebben een overzicht gezien van schadedossiers. Schadezaken worden per 10 tegelijk getoond met het schadenummer, schadeadres, indieningsdatum van de schade, de schadezaak en de status van de schadezaak.

  • Konden de aanvragers de informatie van andere dossiers wijzigen?

    Nee, de informatie kon niet gewijzigd worden.

  • Konden de aanvragers door het dossier van een ander bladeren?

    Nee, er was een overzicht zichtbaar, geen inhoud van dossiers. Dossiers van anderen konden niet worden ingezien.

  • Hoe heeft dit kunnen gebeuren?

    Op dit moment is het nog niet duidelijk wat de oorzaak van de storing is, dat zijn we aan het onderzoeken. Het belangrijkste is dat de storing is verholpen en dat dossiers van andere aanvragers niet meer zichtbaar zijn.

  • Wat betekent dit voor mijn dossier?

    Alle dossiers zijn beveiligd en alleen toegankelijk met de juiste inloggegevens. Hierdoor is het niet mogelijk om dossiers van andere aanvragers in te zien. Uw dossier is dus alleen toegankelijk met uw eigen inloggegevens.