Verder naar inhoud
Terug naar overzicht

Regeling voor waardedaling niet-woningen in de maak

504.jpg

Naast woningen kunnen ook winkels, kantoren en andere bedrijfspanden zonder woningfunctie kampen met waardedaling. Dat concludeert een adviescommissie die in opdracht van het IMG hier onderzoek naar heeft gedaan. Het advies wordt de komende maanden uitgewerkt. Begin mei vindt besluitvorming daarover plaats.

Om de waarde van bedrijfspanden vast te stellen, spelen veel verschillende factoren een rol. Denk hierbij aan de locatie, het gebruiksdoel en de omzet. Het is daardoor ingewikkeld om een waardedalingsregeling voor dit soort panden te maken. Toch is het gelukt om een rekenmodel te ontwikkelen waarmee de waardedaling van panden zonder woonfunctie berekend kan worden.

Percentage waardedaling

Het percentage waardedaling hangt af van de ligging in het gebied en de waarde van het bedrijfspand. Bij een bedrijfspand met een waarde tot 200.000 euro loopt het percentage uiteen van ruim 3 procent aan de randen van het gebied tot ruim 11 procent in de kern, zo constateert de adviescommissie. De adviescommissie adviseert om de WOZ van 1 januari 2022 als grondslag te gebruiken voor het vaststellen van een schadevergoeding.

In gesprek met maatschappelijke organisaties en de agrarische sector

Het IMG bespreekt het advies de komende maanden met de maatschappelijke organisaties en de agrarische sector. Ook wordt het met de staatssecretaris besproken vanwege de MKB-aanpak voor het aardbevingsgebied die door zijn ministerie wordt ontwikkeld. Medio mei communiceren we over de regeling en de voorwaarden via onze website.

  • Mijn woning is al jaren geen winkel (of andere dubbelfunctie) meer. Hoe kan ik dit bewijzen?

    Dat is geen probleem. U hoeft zelf niets te bewijzen. Wij hebben een onafhankelijke taxateur gevraagd om de waarde van uw woongedeelte vast te stellen. Dit doet de taxateur aan de hand van het WOZ-taxatierapport.

  • Komt de taxateur ook persoonlijk langs om te inspecteren?

    Nee, we verwachten niet dat het nodig is. Mogelijke uitzonderingen zijn daargelaten.

  • Hoe kom ik aan een WOZ-taxatierapport? En kost dit geld?

    Alleen inwoners van de gemeente Midden-Groningen moeten een WOZ-taxatierapport opvragen via hun gemeente. Dit is gratis.

    Inwoners van andere gemeenten hoeven dat niet te doen. Wij ontvangen het WOZ-taxatierapport rechtstreeks van de gemeente.

  • Mijn aanvraag is afgewezen omdat het IMG niet bevoegd is. Wat kan ik doen?

    In de Tijdelijke wet Groningen staat dat wij in sommige gevallen uw aanvraag niet mogen behandelen. Bijvoorbeeld als u (eventueel na tussenkomst van de rechter) al een vergoeding voor immateriële schade van de NAM heeft gekregen. Dan is het niet meer mogelijk om bij ons een vergoeding voor immateriële schade aan te vragen.

    Ook als u op dit moment betrokken bent in een gerechtelijke procedure tegen de NAM over de vergoeding van immateriële schade, of met de NAM onderhandelt over een vergoeding voor immateriële schade, mogen wij uw aanvraag niet behandelen. Dat kan alleen als u zich terugtrekt uit de gerechtelijke procedure of uit de onderhandelingen met de NAM.

  • Hoe kan het dat mijn huisgenoot een (hogere) vergoeding heeft gekregen dan ik?

    Immateriële schade is schade die niet in het vermogen, maar op een andere manier – in de vorm van pijn, geestelijk leed, verdriet, of gederfde levensvreugde – wordt geleden. De vergoeding voor immateriële schade heeft als doel dit leed en verdriet te verzachten en genoegdoening te geven. Door dit bijzondere doel, is het recht op vergoeding van immateriële schade hoogstpersoonlijk.

    Vanwege dat hoogstpersoonlijke karakter, brengen we met de regeling voor immateriële schade ook per persoon (in plaats van per huishouden) in kaart of en, zo ja, in welke mate iemand in zijn persoon is aangetast. Dit doen we door te kijken naar de twee onderdelen van de aanvraag:

    • Deel 1: de feitelijke gegevens over de persoonlijke situatie (de bouwstenen).
    • Deel 2: de antwoorden op de vragenlijst (de Persoonlijke Impact Analyse).
      Soms kan het zijn dat de omstandigheden binnen een huishouden van elkaar verschillen, of anders worden gewogen. Zo wegen de omvang van de schade (bouwsteen 3) minder zwaar (namelijk voor 50%) en de doorlooptijd (bouwsteen 4) niet mee als iemand geen eigenaar is van de woning waaraan schade is ontstaan door de aardbevingen. Ook kunnen de gevolgen van de aardbevingen op de een meer impact hebben dan op de ander. Dit zien we terug in de vragenlijst, de Persoonlijke Impact Analyse. Dit kan leiden tot toekenning van een andere vergoeding.

    In onze besluitbrief leest u hoe we uw situatie hebben beoordeeld.

  • Wat kan ik doen als ik vind dat maatwerk moet worden toegepast?

    Uitgangspunt is dat aanvragen tot vergoeding van immateriële schade aan de hand van de gestandaardiseerde methode worden behandeld. Door te kijken naar feitelijke gegevens over de persoonlijke situatie (de bouwstenen) en de antwoorden op de vragenlijst (de Persoonlijke Impact Analyse) beoordelen we of het aannemelijk is dat sprake is van een persoonsaantasting en, zo ja, in welke mate. Hoe hoger het bedrag is dat wordt toegekend, hoe groter de mate is waarin we aannemen dat iemand in zijn persoon is aangetast door ervaren hinder, overlast, stress, frustratie, onzekerheid en boosheid als gevolg van de gaswinning.

    Soms zijn de persoonlijke omstandigheden zo bijzonder en afwijkend, dat we maatwerk toepassen. Maar dit gebeurt alleen in uitzonderingssituaties. Namelijk wanneer er bijzonder ernstige persoonlijke omstandigheden spelen. Omstandigheden waarmee we met de gestandaardiseerde regeling evident geen rekening hebben kunnen houden. Omstandigheden die ertoe leiden dat de toegekende vergoeding niet passend is, gelet op uitspraken van rechters in vergelijkbare situaties. Bijvoorbeeld als iemand door de gevolgen van de gaswinning een psychische ziekte (zoals een posttraumatische stressstoornis) heeft ontwikkeld, en daardoor niet meer kan werken.

    Als dat bij u zo is, dan vragen we u om zelf te onderbouwen dat dit bij u speelt. Ook zult u moeten onderbouwen waarom dit in uw situatie tot een hogere vergoeding moet leiden.

  • Hoe zijn de vaste bedragen bepaald?

    We hebben ervoor gekozen om te werken met vaste bedragen van:

    • € 1.500 in het geval van een persoonsaantasting;
    • € 3.000 in het geval van een ernstige persoonsaantasting, en;
    • € 5.000 in het geval van een bijzonder ernstige persoonsaantasting.

    Als wordt gekeken naar de in Nederland gebruikelijke bedragen en bandbreedtes, en naar de bedragen die de Commissie Verheij heeft geadviseerd (namelijk maximaal € 3.000 per huishouden), zijn deze gekozen bedragen ruimhartig. In uitzonderlijke situaties kan de vergoeding hoger uitvallen.

  • Moet de regeling van het IMG niet worden aangepast na de uitspraak van de Hoge Raad van oktober 2021?

    Nee. De uitspraak van de Hoge Raad is voor ons belangrijk, maar bepaalt niet hoe wij immateriële schade moeten vergoeden. Ook geeft het geen oordeel over onze regeling voor immateriële schade.

    De uitspraak van de Hoge Raad is een bevestiging van een eerdere uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Die uitspraak is een belangrijk gezichtspunt geweest bij de ontwikkeling van onze regeling voor immateriële schade. Toch hebben we bewust gekozen voor een andere methode, omdat we denken dat de problematiek van immateriële schade als gevolg van de gaswinning in Groningen meer omvat dan alleen fysieke schade.

    Daarom houden wij rekening met meerdere indicatoren (locatie, veiligheid, omvang schade en doorlooptijd) om de nadelige gevolgen van de gaswinning voor een aanvrager in te schatten. Daarnaast bieden we aanvragers de mogelijkheid om hun persoonlijke ervaringen met de gevolgen van de gaswinning met ons te delen via een vragenlijst, de Persoonlijke Impact Analyse, die we ook meewegen.

    Op deze manier kunnen ook mensen die maar één keer met fysieke schade te maken hebben gehad, en bijvoorbeeld een vergoeding via de Stuwmeerregeling hebben ontvangen, in aanmerking komen voor een vergoeding voor immateriële schade. Hetzelfde geldt voor mensen die nooit met fysieke schade te maken hebben gehad, maar bijvoorbeeld wel met versterkingsmaatregelen.

    We denken hiermee niet alleen een juridisch juiste, maar ook rechtvaardige en ruimhartige regeling te hebben gemaakt voor Groningers, met zo veel mogelijk oog voor de menselijke maat.

  • Wat gebeurt er als er een bezwaar tegen de WOZ loopt?

    Als het bezwaar nog loopt of als er beroep op bezwaar is gevolgd of hoger beroep, staat de WOZ-waarde nog niet vast. Het IMG kan op dat moment de waardedaling daarom nog niet vaststellen. Aanvragers wordt geadviseerd pas een aanvraag te doen nadat de bezwaar- of beroepsprocedure over de hoogte van de WOZ-waarde is afgerond.